Gratis verzending > €50
15 dagen retourservice
Bezig met laden...
Oudere vrouw bespreekt met haar dochter een voedzame maaltijd aan de keukentafel

Eiwittekort bij ouderen

Een hogere leeftijd leidt niet automatisch tot een eiwittekort. De meeste mensen in Nederland krijgen voldoende eiwit binnen. Toch kunnen ouderen bij langdurig weinig eten, ziekte of praktische problemen te weinig eiwit en energie binnenkrijgen. Op deze pagina leest u welke veranderingen aandacht verdienen en wanneer u hulp kunt inschakelen. Losse klachten bewijzen niet dat er sprake is van een tekort.

Bekijk de mogelijke signalen

Kort samengevat

  • Ouder worden veroorzaakt niet automatisch een eiwittekort.
  • Vooral langdurig weinig eten en drinken verdient aandacht.
  • Onbedoeld gewichtsverlies en verlies van kracht kunnen signalen zijn.
  • Een huisarts of diëtist kan beoordelen wat er werkelijk speelt.

Wat is een eiwittekort bij ouderen?

Met een eiwittekort wordt bedoeld dat iemand langere tijd minder eiwit binnenkrijgt dan het lichaam nodig heeft. Eiwit levert aminozuren die het lichaam gebruikt voor cellen en weefsels. Eiwitten dragen bij tot de instandhouding van spiermassa.

De meeste mensen krijgen via hun gewone voeding voldoende eiwit binnen. Bij ouderen kan dit lastiger worden wanneer de eetlust afneemt, porties kleiner worden of maaltijden worden overgeslagen. Bij ziekte of herstel kan de behoefte aan voedingsstoffen veranderen. Minder bewegen kan bijdragen aan verlies van spiermassa en kracht.

Een eiwittekort is niet hetzelfde als ondervoeding, maar te weinig eiwit kan wel onderdeel zijn van ondervoeding. Bij ondervoeding speelt vaak ook een tekort aan energie en andere voedingsstoffen. De volledige voeding en de mogelijke oorzaak van de lage inname moeten worden bekeken.

Het verschil tussen eiwittekort, ondervoeding en spierverlies

Eiwittekort

Iemand krijgt langere tijd minder eiwit binnen dan het lichaam nodig heeft. Hoeveel passend is, hangt af van onder meer het lichaamsgewicht en persoonlijke omstandigheden.

Ondervoeding

Er is een tekort aan energie en/of voedingsstoffen, zoals eiwit. Hierdoor kunnen onder andere het lichaamsgewicht, de spiermassa en het dagelijks functioneren achteruitgaan.

Spierverlies

Spiermassa en spierkracht kunnen afnemen door ouder worden, ziekte, weinig beweging of bedrust. Voeding kan hierbij een rol spelen, maar verlies van spieren bewijst niet automatisch dat iemand te weinig eiwit eet.

Een eiwittekort herkennen is dus niet mogelijk op basis van één klacht. De begrippen kunnen met elkaar samenhangen, maar hebben niet precies dezelfde betekenis.

Mogelijke signalen van een te lage voedingsinname

De volgende veranderingen kunnen passen bij een te lage voedingsinname:

  • onbedoeld gewichtsverlies;
  • kleding, een riem, horloge of sieraden die losser gaan zitten;
  • langere tijd weinig eten of regelmatig maaltijden overslaan;
  • merkbaar verlies van kracht;
  • meer moeite met opstaan, traplopen, boodschappen doen of koken;
  • verlies van zelfstandigheid bij dagelijkse activiteiten;
  • moeite om na ziekte, een operatie of ziekenhuisopname te herstellen.

Ook vermoeidheid en lusteloosheid kunnen samengaan met weinig eten. Deze klachten hebben echter veel mogelijke oorzaken. Ze zijn daarom op zichzelf geen bewijs voor een eiwittekort.

Let vooral op veranderingen ten opzichte van enkele weken of maanden geleden. Een combinatie van gewichtsverlies, kleinere porties en achteruitgang in het dagelijks functioneren verdient meer aandacht dan één losse observatie. Het Voedingscentrum adviseert om bij een vermoeden van ondervoeding contact op te nemen met de huisarts.

Wanneer is de kans op een te lage voedingsinname groter?

Minder eten of drinken

De inname kan afnemen door weinig eetlust, kleinere porties of het overslaan van maaltijden. Ook misselijkheid, een veranderde smaak en problemen met kauwen of slikken kunnen voldoende eten moeilijker maken.

Ziekte en herstel

Tijdens of na ziekte, een operatie of ziekenhuisopname kan iemand minder eten. Tegelijkertijd kan de behoefte aan energie en voedingsstoffen veranderen. Langdurige lichamelijke klachten, beperkte mobiliteit, veel bedrust en weinig bewegen kunnen daarnaast bijdragen aan verlies van spiermassa en kracht.

Praktische en sociale oorzaken

Soms ligt de oorzaak niet bij de voeding zelf. Boodschappen doen of koken kan moeilijker worden. Eenzaamheid, het verlies van een partner, somberheid of geheugenproblemen kunnen ervoor zorgen dat iemand minder of eenzijdiger eet. Ook een sterk beperkt eetpatroon kan het lastiger maken om voldoende energie, eiwit en andere voedingsstoffen binnen te krijgen.

Kan iemand met een normaal of hoger gewicht ook ondervoed zijn?

Ja. Een normaal gewicht of overgewicht sluit ondervoeding niet uit. Iemand kan in korte tijd gewicht en spiermassa verliezen zonder direct ondergewicht te hebben.

Kijk daarom niet alleen naar het getal op de weegschaal. Een recente, onbedoelde verandering in gewicht, eetlust, portiegrootte, kracht en dagelijks functioneren geeft meer informatie. Het Voedingscentrum benadrukt dat ook mensen met een gezond gewicht of overgewicht ondervoed kunnen zijn.

Hoe wordt een mogelijk tekort beoordeeld?

Een huisarts of diëtist kijkt verder dan alleen de hoeveelheid eiwit. Bij de beoordeling kunnen onder andere deze punten aan bod komen:

  • het huidige gewicht en veranderingen in het gewicht;
  • wat en hoeveel iemand eet en drinkt;
  • ziekte, medicatie, een operatie of herstelperiode;
  • spierkracht en het uitvoeren van dagelijkse activiteiten;
  • problemen met kauwen, slikken, smaak of spijsvertering;
  • de totale inname van energie, eiwit en andere voedingsstoffen.

Zo nodig wordt een erkend screeningsinstrument gebruikt om het risico op ondervoeding te beoordelen. Daarna kan verder onderzoek nodig zijn. Eén klacht, een online test of alleen een laag lichaamsgewicht is niet voldoende om een eiwittekort of ondervoeding vast te stellen. De actuele richtlijn over ondervoeding en sarcopenie bij kwetsbare ouderen maakt daarom onderscheid tussen signalering, screening en diagnose.

Wat kunt u doen als u uw zorgen maakt?

U hoeft niet zelf vast te stellen of er sprake is van een tekort. Deze stappen helpen om veranderingen overzichtelijk te maken:

Houd enkele dagen bij wat iemand eet en drinkt. Noteer ook overgeslagen maaltijden en opvallend kleine porties.
Schrijf veranderingen op in gewicht, eetlust, kracht en dagelijkse activiteiten. Noteer indien mogelijk wanneer deze veranderingen begonnen.
Bespreek onbedoeld gewichtsverlies, langdurig weinig eten of duidelijke achteruitgang met de huisarts.
Vraag zo nodig een diëtist om de volledige voeding te beoordelen. Een diëtist kan bepalen welke voedingsmiddelen en hoeveelheden bij de persoonlijke situatie passen.
Verhoog bij nier- of leverproblemen niet zelfstandig de eiwitinname. Vraag eerst advies aan de behandelaar of diëtist.

Aandachtspunten voor mantelzorgers

Let als mantelzorger vooral op veranderingen ten opzichte van enkele maanden geleden. Denk aan losser zittende kleding, kleinere porties, minder eetlust en meer moeite met boodschappen doen, koken, opstaan of lopen.

Bespreek deze veranderingen rustig en zonder druk of verwijten. Vraag bijvoorbeeld wat het eten moeilijker maakt en welke maaltijden nog wel goed gaan. Houd zo nodig enkele dagen samen de voeding en het gewicht bij. Schakel bij onbedoeld gewichtsverlies of langdurig weinig eten de huisarts of een diëtist in. Het Voedingscentrum voor mantelzorgers geeft hiervoor aanvullende aandachtspunten.

Zijn eiwitshakes of supplementen nodig?

Gewone voeding is waar mogelijk het uitgangspunt. Een eiwitshake levert vooral eiwit en is niet automatisch een volledige maaltijd. Zo’n product lost een te lage energie-inname, weinig eetlust of een onderliggende ziekte niet vanzelf op.

Medische drinkvoeding heeft een andere samenstelling dan een gewone eiwitshake. Deze voeding wordt gebruikt als onderdeel van een persoonlijke voedingsbehandeling. Laat een huisarts of diëtist beoordelen of een shake, supplement of medische voeding nodig en passend is.

Veelgestelde vragen

Wat zijn mogelijke symptomen van een eiwittekort bij ouderen?

Onbedoeld gewichtsverlies, losser zittende kleding, langdurig weinig eten en verlies van kracht kunnen signalen zijn van een te lage voedingsinname. Ook moeizaam herstel na ziekte kan aandacht verdienen. Deze veranderingen bewijzen geen eiwittekort en kunnen andere oorzaken hebben.

Kan iemand met overgewicht toch ondervoed zijn?

Ja. Ook iemand met een normaal of hoger gewicht kan ondervoed zijn. Vooral recent onbedoeld gewichtsverlies, minder eten, verlies van spiermassa en achteruitgang in het dagelijks functioneren zijn belangrijk om te bespreken met een huisarts of diëtist.

Hoe weet u hoeveel eiwit een oudere nodig heeft?

De globale behoefte hangt onder meer samen met het lichaamsgewicht en persoonlijke omstandigheden. Bij ziekte, herstel of ondervoeding kan een algemene berekening onvoldoende zijn. Lees meer op de pagina over de eiwitbehoefte bij ouderen: Lees meer over de eiwitbehoefte bij ouderen

Is een eiwitshake voldoende bij een mogelijk eiwittekort?

Niet automatisch. Een eiwitshake is geen vervanging voor een beoordeling van de totale voeding en de mogelijke oorzaak van het probleem. Ook voldoende energie en andere voedingsstoffen zijn belangrijk. Medische drinkvoeding gebruikt u op advies van een behandelaar of diëtist.

Eiwittekort bij ouderen: herken veranderingen en vraag advies

Mogelijke signalen van een eiwittekort bij ouderen zijn geen diagnose. Vooral veranderingen in gewicht, eetlust, voedingsinname, kracht en zelfstandigheid verdienen aandacht. Bespreek langdurig weinig eten of onbedoeld gewichtsverlies met de huisarts. Een diëtist kan daarna helpen bepalen welke voeding en hoeveelheid bij de persoonlijke situatie passen.

Praktische eiwitrijke voeding voor ouderen

Ontdek ideeën voor eenvoudige ontbijtjes, kleine tussendoortjes en herkenbare maaltijden met eiwitrijke producten. Gewone voeding blijft daarbij het uitgangspunt.

Bekijk eiwitrijke voeding voor ouderen